terras Grand Palais, Brunnen, CH

'Studies in Gent en Brugge. Vansteenlandt heeft een voorliefde voor het landschap en zij werkt soms in een rechtstreekse dialoog met haar onderwerp, op groot formaat. Haar standpunt is zo hoog mogelijk (het dak van een torengebouw, bij voorbeeld) wat meebrengt dat er haast geen sporen van anekdotiek in haar werk zijn. Bij gelegenheid is een helikoptervlucht het uitgangspunt. Vansteenlandt heeft een buitengewone zin voor licht – zij verraadt de werkelijkheid niet – en een krachtige toets.' Joost De Geest is doctor in de letteren en wijsbegeerte en voormalig conservator van de kunstverzameling van het Gemeentekrediet (nu Dexia). Als freelancejournalist werkte hij o.m. voor de VRT, de Metro en De Standaert. Hij coördineerde de redactie van de reeks Musea Nostra. Hij is ondervoorzitter van de Vlaamse Museumvereniging. Hij werkte mee aan Het Belgisch Kunstboek en aan Belgische Kunst in de 19de en 20ste eeuw.

 

'In de loop van een tiental jaren heeft Rita Vansteenlandt op verrassende en beklijvende wijze een onloochenbare uitstraling verleend aan het enthousiaste en door werkelijkheid geïnspireerde schilderen in het algemeen en aan het plein air schilderen in het bijzonder. Aanvankelijk beschreef zij aan de hand van herkenbare motieven en toestanden wat haar beroerde in haar nabije of verre omgeving en creëerde zij esthetische zwier een beetje bij manier van vingeroefening bedrijven of van sierlijke motieven ondervragen. Vrij vlug daarna heeft zij haar tot hiertoe intens beleefde visie omtrent de dingen en hun betekenis op beeldend vlak gaandeweg opgebouwd en met een persoonlijke en aantrekkelijke beeldtaal uitgerust. Haar schilderen in open lucht en als het ware omringd door haar thematiek evoceert een internationale dimensie zowel naar vorm als naar inhoud, zowel naar geografisch situeren als naar interpreteren. Wat wij reeds van bij het begin van onze kennismaking met haar werk bijzonder hebben gewaardeerd is haar beeldende openheid, haar picturale durf op een ogenblik waarop het concept de reële plastische waarden doet verwateren, het ongeremde enthousiasme van haar oeuvre, de oordeelkundige keuze van haar taferelen en van wat binnen in die taferelen verbaast en toch reëel blijkt te zijn. Sinds haar evocaties van de zee, het strand en de wolken wordt haar gehele oeuvre gekenmerkt door begrippen zoals tijd en ruimte, universaliteit en een concrete benadering van de dingen, het letterlijke en figuurlijke stilstaan bij een vooraf nauwgezet uitgekozen plek en het zowel lyrisch als concreet verhalende van wat algemeen geldt en toch een beetje bijzonder oogt. 

Aanvankelijk schilderde zij de zee vanuit de leegstaande flat van een appartementsgebouw of vanuit de kamer van een verlaten hotel aan de zeedijk: op dubbel gelaagd Japans papier waarin ook de blessure een rol speelde en later gaandeweg op doeken die door de vingers van het licht werden betast en gesublimeerd. Zo evoceerde zij aan de hand van kleur en beeldende ritmiek, van soepele vlakverdeling en nauwgezet opgetogen zijn de gedaantes van avond en morgen, van donkerte en licht, van onweer en grijze regen, van gouden zon en frivole golven. Een enkele plek steeds opnieuw bezocht en telkens anders. 

Van op het dak van wat ooit een statisch en luisterrijk hotel was, schilderde zij de flanken en het wellustige bekken van het Vierwoudstedenmeer in het Zwitserse Brunnen. Tientallen nuances van groen en bevreemdende schaduwen in het water die als gedrochten onderdoken in de koele dieptes als de morgen binnengleed, verrassende modules, statigheid en tastbare magie, het zijn allen elementen van een heerlijke beeldtaal geplukt uit de meest verheven traditie en die toch hedendaags is, omdat zij de persoonlijke en door metier onderbouwde reflectie incarneert van een langzaam gegroeid en enthousiast picturaal talent. 

Ook in het witte Nederlandse dorp Thorn werd vanuit de hoogte geschilderd dit keer dankzij een helikopter en de foto's van Henriëtte Hoffs die ook nu de herinnering van de kunstenares ondersteunen en haar blik herhalen. Opnieuw en weer anders verschenen landschappelijke structuren, vlekken water en schakeringen van groen, schaduwen en licht en hier en daar tekens van de naderende herfst.

In Nijmegen heeft Rita Vansteenlandt tijdens twee zomers post gevat op het dak van het Royal Haskoning gebouw. Haar verfgebruik ondermeer van Napels geel was ook nu weer functie van de werkelijkheid, van de verzengende hitte en de dor geworden weilanden.  Het monumentale van de Waalbrug is een lichtend motief, water is vloeiend licht, de groene bosjes zijn modules, geel is warmte die over de Ooijpolder is neergestreken. 

Wie in de omgeving woont zal zijn plek herkennen en toch ook opnieuw ontdekken omdat het vertrekpunt van de schilderende contemplatie zelden en door weinigen bezocht wordt en de weergave door een lyrische en hartstochtelijke benadering wordt vertolkt, die heel kleine correcties zoals het schrappen van passerende boten niet in de weg staan.

Bij middel van een tiental vrij grote schilderijen wordt een bestaande wereld schilderkunstig uitgebeeld en is de realiteit van een brok Nijmegen aanleiding tot het zetten van een verdere stap in wat de eigenheid van de kunstenares is geworden. De harmonie van wat bestaat wordt ingebed in het tweevoudige vertoon van ordening en natuurgetrouwheid, van keuzes en beeldend weergeven, van sereniteit en een wellustig schilderen. In het gehele project van het schilderkundig navertellen van de omgeving van de plek waar wij nu staan heeft een boeiend samenspel plaats gehad tussen wat het oog heeft gezien, wat de lens heeft gevat en wat de subjectiviteit van de kunstenares met haar plastische ervaring en haar emoties heeft vertolkt.

Hoe boeiend en in zekere mate aangrijpend het ook mag zijn om de schilderkunstige metamorfose van het ons omringende landschap te ervaren, toch lijkt het ons niet minder belangrijk ieder doek afzonderlijk en ontdaan van een concrete referentie als een beeldend fenomeen te bekijken, als een bewijs van de onsterfelijkheid van het schilderen op zich, als een monument van interpretatie dat zich uitstrekt over een veelheid van toetsen en van kleurige aanwezigheden gaande van de alla prima geschilderde nevels van de morgen die pure poëzie zijn en geen concrete referenties wensen naar de herkenbare nauwgezetheid van een brug, een beschermde polder, woonboten, vertrouwde plassen. 

Het is mijn overtuiging dat, indien dat nog niet geweten was, nu toch wel heel duidelijk mag blijken dat Rita Vansteenlandt een belangrijke plaats inneemt in het landschapschilderen van vandaag en in een beeldtaal tout court die met hedendaagse toetsen en een schitterend metier is gevoed.' Hugo Brutin, a.i.c.a.

 

‘Rita Vansteenlandts landschappen van vandaag…

Het wordt steeds duidelijker dat Rita Vansteenlandt een unieke plaats inneemt in de beeldende kunst van vandaag en in wat wij zouden kunnen omschrijven als een hedendaags beleven van het landschap of het landschappelijke. Zij is een vernieuwer zowel op formeel als op puur plastisch vlak, een vernieuwer die voortbouwt op de verworvenheden zoals het een echte vernieuwer past. Men bouwt immers geen monumenten op wat niet bestaat of bestond. Zij schildert letterlijk en figuurlijk vanuit een verheven plek en attitude de werkelijkheid in een lyriek van kleuren die niet eens irreëel is en die de bewoner verbaasd herkent zonder dat hij wellicht meteen zal merken dat storende elementen door kleur en ordening en via een brede ritmiek zijn opgevangen en uitgewist. De werkelijkheid is in haar oeuvre aanleiding tot het beoefenen van een daad van heerlijke picturaliteit. ’Hugo Brutin, a.i.c.a.  

 

'Twee plastische eigenschappen frapperen meteen in het oeuvre van Rita Vansteenlandt: haar onbevangen en monumentaal schilderen omtrent wat haar beroert, en haar begenadigd mijmeren over schoonheid en esthetiek in wat men wellicht als 'gemengde technieken' zou kunnen omschrijven. Weinigen durven tegenwoordig in hun schilderijen een zo breed tafereel uitbouwen uit angst wellicht om ondermeer op figuratie en compositorisch vlak te falen. Rita Vansteenlandt heeft daar geen problemen mee; zij structureert brede verhalen, bezielt ze met concrete toespelingen, geeft haar eigen en kleurrijke kijk op de gebeurtenissen van vandaag in een lyrische beeldtaal, goed door een bewogen koloriet en een verrassende spanning en geladenheid. Zij geeft daarbij blijk van een persoonlijke maar daarom niet minder toegankelijke symboliek. Mens en omgeving of maatschappij primeren en haar doeken; in de tekeningen op Japans papier leeft haar behoefte aan schoonheid en elegantie, aan tastbare sereniteit. Zowel naar vorm als naar inhoud is haar kunst boeiend en hedendaags, eigenzinnig en aangrijpend.' Hugo Brutin, a.i.c.a.

 

'Naar ons gevoel heeft Rita Vansteenlandt in enkele jaren tijd bewezen een volwaardige en met persoonlijke visie begiftigde kunstenares te zijn, zowel in haar -soms monumentale- schilderijen als in haar tekeningen die in de rijke betekenis van het woord gemengde technieken zijn. Hoewel haar schilderijen blijk geven van een verrassende spontaanheid en een diep doorvoelde inspiratie die een reflectie is van onze tijd, toch willen wij hier even stilstaan bij haar recente tekeningen, allen marines en landschappen bekeken vanuit een 'schuilplaats' die haar gedurende enkele jaren door een welwillende bouwpromotor ter beschikking werd gesteld ergens in de omgeving van de Panne. Daar heeft zij de talloze aangezichten van de zee bekeken, de luchten, de wisselende aanwezigheid van strand en enkele keren bomen en struiken, donkerte en licht, aarde en zon. Wij denken hierbij concreet aan een reeks werken van een behoorlijk formaat die ons bijzonder hebben geboeid, niet alleen omwille van hun intrinsieke beeldende kwaliteiten maar opnieuw omwille van de bijna argeloze overgave waarmee zij schildert en ordent, opbouwt, verbergt en onthult. N51°06'16''E002°35'30''. Dat is de plaats van waaruit zij haar herhaalde ode aan emotie, kleur, natuur, wind, hemels, blauwe rust en onweer heeft neergeschreven, weggeborgen, bewaard tussen elkaar bedekkende lagen van sensibiliteit. Wij hadden het daarnet over 'overgave'. Dat betekent niet dat een werk zomaar zou ontstaan vanuit een geniale inspiratie, als een gulp die men nauwelijks kan leiden. Integendeel. De 'tekeningen' van Rita Vansteenlandt zijn structuren van een dubbele laag Japans papier waartussen intens en nauwgezet geschilderd wordt, bijwijlen een rand van de onderste laag wordt afgescheurd, aan het oppervlak tal van retouches of aanvullingen worden aangebracht, transparanties een belangrijke rol spelen, de horizontale ritmiek binnen vaste banen wordt geleid. Wie een vlak landschap en vooral marines bekijkt en weergeeft vanuit het vasteland werkt horizontaal, schildert luchten boven een gevoelige horizon en in de onmiddellijke nabijheid: de grond, de aarde, weerschijn van water, de donkerte van het onbewogene. Met die luttele maar niettemin fundamentele gegevens heeft de kunstenares een op zichzelf banaal gegeven uitgebouwd tot een lyrische en sterke structuur van bewegingen en van kleur, van picturaliteit en van suggestie, van poëzie en van dat onzegbare dat een eigen tonaliteit, een eigen interpretatie kenmerkt. In deze reeks werken verschijnt zij als een verrassende koloriste die harmonieën ontwerpt en op subtiele manier een sfeer van materiële aanwezigheid evoceert via verfrommelen, platstrijken, afscheuren en zo op intens voelbare wijze de dingen toont zoals zij zich ontplooien. Zij is een koloriste die niet alleen de kleur schildert, maar ook de ritmiek en daarnaast ook – en dit is heel belangrijk- wat zij zag een ziel geeft, een die evenzeer illustreert als suggereert, die evenzeer toont als doet ontwaken.' Hugo Brutin, a.i.c.a. 

 

'Opnieuw heeft Rita Vansteenlandt zich afgezonderd in een verlaten ruimte aan de Zeedijk van De Panne om van daaruit de zee te bespieden en uit te beelden: enkele jaren geleden in een schitterende reeks tekeningen op dubbel gelaagd Japans papier waarmee zij laureaat werd van de Imagoprijs 2000 en thans in een reeks van zestien olieverfschilderijen die allen marines zijn bekeken vanuit een vast punt, zijnde het verlaten Hotel Albert I (N51° 07'13'' E 002° 35' 00''). Gedurende meer dan de gehele zomer heeft zij de zee beschreven, 's morgens, 's middags, 's avonds. Dat wil zeggen strand, water, horizon, luchten, totaal ontdaan van enige anekdote zoals vogels en scheepjes kunnen zijn, een hoogverheven picturaal beeld van okers, blauwen, grijzen, avondrood, donkere purperen dreiging, wolken van bijna wit, diepte, de wisseling van een zelfde gegeven bekenen vanuit een zelfde hoek. Schilderkunst van vandaag en van altijd in een frisse, gedurfde, ontroerde en ontroerende zegging die tevens een reeks variaties op een eeuwig thema is.' Hugo Brutin, a.i.c.a.

 

‘Rita Vansteenlandt schildert, in de meest heerlijke en eerlijke betekenis van het woord. Zij is aldus zonder het per sé gewild te hebben de voortzetting van het nobele schilderen, van het ‘pleinairisme’, van wat tot de lumineuze traditie van het impressionisme behoort. Zij schildert wat zij ervaart en ziet en is na een periode, die wij als een beginperiode zouden willen omschrijven, uitsluitend met de zichtbare werkelijkheid bezig geweest, met een werkelijkheid die op subtiele wijze een dialoog opbouwt met het verglijden van de tijd en van zijn soortgenoot of gezel, het licht.  Aanvankelijk schilderde zij taferelen die enerzijds haar bewogenheid ten aanzien van de actualiteit reflecteerden en anderzijds haar behoefte aan esthetiek illustreerde. In het eerste geval schilderde zij in forse en contrasterende kleuren soms monumentale doeken omtrent vrijheid, vluchten en een verlangen naar sereniteit en het vrijwaren van bijvoorbeeld de onschuld van kinderen. De figuratie was er heel intens aanwezig en wat onder meer frappeerde was een open manier van schilderen, een ongekunsteld aanpakken van de middelen die zowel met de verf als met de figuratie te maken hebben en hadden. Het andere luik was bij manier van spreken een antipode in die zin dat zij zowel de materie als de vormentaal aanwendde om een sfeer van esthetiek te creëren, een sierlijke beeldtaal te ontwerpen, motieven te integreren in een veld van verfijning en schittering. De overgang naar haar marines, naar haar taferelen van wolken, strand en zee gebeurde op duidelijke en toch geleidelijke wijze. Esthetiek en werkelijkheid gingen er wonderbaarlijk hand in hand. Haar taferelen van luchten, water en strand waren aanvankelijk vooral tekeningen op dubbel gelaagd papier waarvan af en toe repen werden afgescheurd zodat het papier even intens aanwezig was als materie dan als drager van toetsen en lijnen. Zij bekeek de zee met wat erbij hoort, dat wil zeggen evenzeer de voorgrond als de achtergrond op diverse ogenblikken van dag als van seizoen. Merkwaardig daarbij was het feit dat de getekende marines allen van op eenzelfde plaats werden getekend en ook wel wat geschilderd maar dan wel op papier en met een intense en zichtbare medewerking van het papier zelf. Inmiddels groeide de belangstelling voor het schilderen op doek van zeelandschappen vanuit eenzelfde ingesteldheid wat het kijken betreft, dat wil zeggen het aandachtig bekijken en weergeven van het sluipen van het licht, het groeien van de donkere schaduwen, de vele metamorfoses van het strand op de voorgrond en dat, telkens vanuit een vast punt wat door de titel van de reeks: N51°06’15’’E002°35’30’’ werd aangetoond.  Die schilderijenreeks die vanuit het verlaten Hotel Albert I aan de Westkust werd verwezenlijkt en door andere soortgelijke reeksen vanuit een ander punt werd gevolgd reveleert opnieuw of beter gezegd consacreert een kunstenares die vanuit een persoonlijke beeldende visie en een eigen manier van interpreteren de realiteit ‘natuurgetrouw’ weergeeft en toch een eigen taal hanteert. Het licht speelt een belangrijke rol in haar gehele oeuvre. Haar thematiek leent zich trouwens tot het herhaalde bezingen of vastleggen van wat een toonbeeld van onvatbaarheid is en dat in feite in korte tijd terwijl men het aandachtig wil bekijken al een metamorfose heeft ondergaan of de dingen in een andere identiteit doet terechtkomen. Wat het bewerkstelligt aan de Noordzee is vanzelfsprekend iets helemaal anders dan in de Zwitserse bergen waartussen een bergmeer, Vierwaldstättersee, de vele kleuren, getemperde of heftige, van de omgeving reflecteert en aldus ook de schaduwen anders zijn.

Rita Vansteenlandt heeft gedurende jaren de zee, de wolken en het strand bekeken en bespied zoals zij daar gespannen of geborgen lagen onder een brede lichtende en soms getormenteerde koepel. Dat basistafereel heeft zij nauwgezet maar vanuit de haar kenmerkende vrije vorm van benaderen weergegeven in veelal grote doeken die steeds opnieuw een drieledige horizontaliteit beklemtonen. Water en licht zijn een reële en stellig ook boeiende uitdaging voor een schilder die reflecties wil vatten, ritme wil uitbeelden, in het statische gegeven dat een doek is beweging wil integreren, de kleur wil bevragen in wat veelal esthetisch is en vluchtig zoals de lucht en het glinsterende water dat zich steeds onttrekt aan een nauwkeurige weergave. Het tengere domineert in de marines. Okers, lichtgroenen, strepen blauw die door wolken worden belaagd, reflecties in het water en in de plassen op de voorgrond, tenger geel dat bijna goudkleurig is vooraan en in de onmetelijke achtergrond een puur picturaal gegeven dat lucht is, wolken en iets onvatbaars dat vanuit de verre verte van een horizont komt aangerend zonder hindernissen te ontmoeten.  

Vanuit die schilderkunstige ervaring is zij vertrokken om in de bergen te gaan schilderen. Kan men zich een groter contrast voorstellen? Van een allesomvattende beweging naar een eerder majestueuze onbewogenheid, ogenschijnlijk althans. Vanuit de meest vlakke vlakte naar monumentale bergen met daarbij nog een magisch massief in de achtergrond en ook weer reflectie weliswaar. Die berg in de achtergrond is de Pilatusberg en hem worden bijzondere krachten toegeschreven. Een nieuwe uitdaging stond Rita Vansteenlandt te wachten wanneer zij voor het eerst op het ruime platte dak van wat ooit Grand Palais Brunnen was uitkeek op een door bergen omringd meer, op verre diepte aan de ene zijde en nabije plantengroei aan de andere, op gigantische volumes die elkaar opvolgden en waar wolkenmassa’s aan haperden of zich op te rusten legden. Gedurende een zestal maanden heeft zij er geschilderd op diverse momenten van de dag genietend van de diversiteit van een schouwspel dat, net zoals de zee, buiten de mens om en wellicht dankzij die afwezigheid blijk geeft van een wonderbaarlijke authenticiteit en van een zo groot mogelijke vorm van ongereptheid. Naast kleinere doeken waarin grijze tinten intens aanwezig zijn heeft zij tijdens haar verblijf in Brunnen, Gersau en Schwyz een indrukwekkende reeks van grote schilderijen gecreëerd die een all round beeld bieden van de haar omringende natuur en van haar beeldtaal.  

Opnieuw heeft zij er haar reputatie van eigenzinnige coloriste eer aangedaan en werd een belangrijke stap gezet in wat als een verbazingwekkende ontdekkingstocht naar het hedendaagse schilderen mag worden aanzien. Ook al wordt het schilderend bevragen van een bepaald natuurfenomeen via een concrete figuratie door sommigen als voorbijgestreefd beschouwd, hoofdzakelijk omwille van de existentiële afkeer ten aanzien van een nauwkeurige weergave van de dingen, toch is de démarche van Rita Vansteenlandt in hoge mate hedendaags. Het mag geen hindernis zijn dat iemand zijn stiel kent en die steeds zeldzamer wordende gave en verworvenheid hanteert om iets concreet weer te geven vanuit een visuele emotie en een contemplatieve ingesteldheid. 

Haar schilderen is niet alleen een indrukwekkende weergave van een steeds wisselende realiteit. Het vertolkt niet alleen monumentaliteit, donkerte die oprijst vanuit vluchtende nevels, een heldere zonbeschenen muur die contrasteert met de schaduw van plantengroei, het schitteren van plassen sneeuw en kale vlekken, het beven van mist boven water als van een vlucht laag vliegende bleke vogels. Het vertaalt ook het subtiele in elkaar verglijden van donkere groenen, van witten met blauwe weerschijn, van licht dat zich tal van tonaliteiten verbergt, van luminositeit en schaduw, vorm en volume, realiteit en de verdichting van die werkelijkheid.  

Hier bewijst Rita Vansteenlandt opnieuw wat zij al van bij het begin aankondigde: de triomf van het schilderen, de fel benijde gave om kleur en volume naar behoren te hanteren.’ Hugo Brutin, a.i.c.a.